Fohnen zonder je haar te beschadigen: een verstandige aanpak

De fohn is voor veel mensen onmisbaar. Hij droogt snel, geeft volume en maakt stylen mogelijk. Tegelijk heeft de fohn een slechte reputatie als het om haarschade gaat, en niet helemaal onterecht. Verkeerd gebruik kan je haar uitdrogen, breuk veroorzaken en pluis in de hand werken. Het goede nieuws is dat het niet de fohn zelf is die schadelijk is, maar de manier waarop je hem gebruikt. Met de juiste techniek kun je bijna dagelijks fohnen zonder je haar op te offeren.

Hoe warmte je haar beschadigt

Om verstandig te fohnen, helpt het te begrijpen wat warmte met je haar doet. Haar bevat van nature een klein percentage vocht dat het soepel en elastisch houdt. Wanneer je te veel of te heet fohnt, verdampt dat vocht en droogt de haarschacht uit. Nog belangrijker is het risico van zogeheten belletjes: als je nat haar te snel en te heet verwarmt, kan het vocht binnenin de haar letterlijk gaan koken en kleine holtes vormen die de haar verzwakken en laten breken. Dat verklaart waarom haar dat op de hoogste stand en op kletsnatte lengtes wordt gefohnd, sneller kapotgaat.

De sleutel is dus tweeledig: minder directe hitte op te nat haar, en het vocht dat je haar nodig heeft niet volledig wegjagen. Alles wat volgt, draait om die twee principes.

Bereid je haar voor het fohnen goed voor

De grootste fout is beginnen met kletsnat haar. Hoe natter je haar, hoe langer je moet fohnen en hoe meer warmte je erop loslaat. Laat je haar daarom eerst voordrogen. Dep het voorzichtig met een microvezelhanddoek of een zacht katoenen shirt; wrijven met een ruwe handdoek veroorzaakt pluis en breuk. Laat het daarna vijf tot tien minuten aan de lucht drogen tot het niet meer druipt maar nog wel vochtig is. Vanaf dat punt heeft de fohn veel minder tijd nodig.

Breng vervolgens altijd een hittebeschermer aan. Dit product vormt een dun laagje rond de haar dat de warmte gelijkmatiger verdeelt en het vochtverlies beperkt. Verdeel het gelijkmatig van de lengtes tot de punten en kam het licht door. Sla deze stap nooit over; hij is het verschil tussen beschermd en onbeschermd fohnen.

  • Gebruik een microvezel- of katoenen doek in plaats van een grove badhanddoek.
  • Laat je haar voordrogen tot het nog licht vochtig, niet druipnat is.
  • Verdeel de hittebeschermer gelijkmatig voordat je de fohn aanzet.

De juiste temperatuur en afstand

Veel mensen zetten de fohn automatisch op de heetste en krachtigste stand. Dat is zelden nodig. Voor de meeste haartypes werkt een gematigde temperatuur uitstekend en veel veiliger. Fijn of beschadigd haar heeft aan een lage tot middelhoge stand genoeg. Houd de fohn bovendien op afstand: minstens vijftien tot twintig centimeter van je haar, zodat de hitte zich verspreidt in plaats van zich op een punt te concentreren.

Beweeg de fohn voortdurend en laat hem nooit stilhangen boven dezelfde streng. Richt de luchtstroom van de wortels naar de punten, dus van boven naar beneden. Zo gaan de haarschubben plat liggen in plaats van open te waaieren, wat resulteert in een gladder, glanzender resultaat met minder pluis.

Gebruik het mondstuk en de koude stand

De meeste fohns worden geleverd met een smal mondstuk, ook wel concentrator genoemd. Dat is geen overbodig accessoire. Het bundelt de luchtstroom en geeft je controle, zodat je gerichter kunt drogen en de warmte niet ongecontroleerd alle kanten op waaiert. Voor krullend haar is een diffuser juist ideaal: die verdeelt de lucht zachtjes en behoudt de krulvorm zonder de krullen uiteen te blazen.

Bijna elke fohn heeft ook een koude stand, en die wordt te weinig gebruikt. Sluit je fohnsessie af met een schot koude lucht over je haar. Warme lucht maakt je haar vormbaar, koude lucht ‘fixeert’ die vorm en sluit de haarschubben. Het resultaat is meer glans, een steviger kapsel en minder pluis. Deze laatste stap kost je maar een halve minuut en maakt een duidelijk verschil.

  • Zet het mondstuk erop voor gericht drogen van stijl haar.
  • Gebruik een diffuser om krullen te behouden en pluis te voorkomen.
  • Eindig altijd met een koude stoot lucht om de vorm en glans vast te leggen.

Hoe vaak en met welke tussenpozen

Zelfs met perfecte techniek blijft warmte een belasting. Gun je haar daarom af en toe rust. Wie elke dag fohnt, kan overwegen om enkele dagen per week het haar aan de lucht te laten drogen, of alleen de wortels licht te drogen en de rest natuurlijk te laten opdrogen. Zo houd je de voordelen van de fohn zonder je haar dagelijks aan de volle hitte bloot te stellen.

Let ook op signalen dat je te veel warmte gebruikt: droge, breekbare punten, toenemende pluis of haar dat zijn glans verliest. Dat zijn aanwijzingen om de temperatuur te verlagen, de hittebeschermer trouwer toe te passen of vaker over te slaan.

Kies verstandig gereedschap

Tot slot maakt het apparaat zelf verschil. Een fohn met meerdere temperatuurstanden en een koude stand geeft je de controle die je nodig hebt om te beschermen. Modellen die de warmte gelijkmatiger afgeven, verminderen hete pieken die het haar beschadigen. Belangrijker dan welk luxe apparaat je koopt, is echter hoe je het gebruikt: een eenvoudige fohn met goede techniek is beter voor je haar dan het duurste model op de heetste stand.

Fohnen en gezond haar sluiten elkaar dus niet uit. Door je haar voor te drogen, altijd te beschermen, gematigde warmte op afstand te gebruiken en af te sluiten met koude lucht, verklein je de schade tot een minimum. De fohn wordt dan wat hij hoort te zijn: een handig hulpmiddel in plaats van een bedreiging voor de gezondheid van je haar.

This entry was posted in Uncategorized. Bookmark the permalink.